Morgen is het zover. Dan moet ik na drie jaar geoefend te hebben eens laten zien wat ik nou écht weet over medicijnen. Om het een beetje realistisch te maken zijn er voor de consulten werkkamers beschikbaar gesteld door de afdeling heelkunde (chirurgen) in het ziekenhuis! Net echt! Bovendien moet je je witte jas dragen en krijg je net als bij de communicatietoets acteurs als patiënten. Receptenblokje mee en daar ga je!
Het is de bedoeling dat ik de patiënten in begrijpelijke taal een twintigtal ziektes uit kan leggen, dus hoe die ontstaan en waardoor hun klachten worden veroorzaakt, wat ze daar zelf tegen kunnen doen en wat voor medicijnen ik ze voor kan schrijven. Van de talloze medicijnen die ik voor kan schrijven moet ik de werking weten, de bijwerkingen, de indicaties (welke ziekte aanleiding geeft tot behandeling met dat medicijn) en de daarbij behorende contra-indicaties (in welke gevallen je een medicijn beslist níet moet voorschrijven). En dan moet het ene medicijn ook nog eens kunnen worden gebruikt in combinatie met andere medicijnen, zonder dat het een gevaarlijke combinatie oplevert. Kortom, ik moet veel weten. Bovendien moet je terwijl je hard nadenkt of de gekozen pillen wel bij deze patiënt passen ook nog eens praten en schrijven tegelijk. En dat is best lastig. Gelukkig wacht mij 's avonds ontspannend eten koken met de pastinaak ;) (En een avondje studeren voor mijn tentamen van vrijdag, maar het lijkt me het verstandigst als ik daar nog niet al teveel aan denk...)
Normaal gesproken word ik nogal kriegelig als mensen zeggen, wanneer ik zeg geneeskunde te studeren: "O, medicijnen.." Nee, het is ge-nees-kun-de en dat is zoveel meer dan medicijnen alleen! Maar morgen doet geneeskunde die archaïsche aanduiding eindelijk eer aan. Kom maar op met die pilwensen, oorpijnen, depressies en astma's.